
Twee kleine meisjes in ons leven
“Soms verandert één telefoontje je leven voorgoed. Het neemt iemand van je af en legt tegelijkertijd twee kleine levens in je armen.“
Het was een gewone dinsdagmiddag.
Zo’n dag waarvan je later zou denken: vanochtend was alles nog normaal.
Cilia stond in de keuken en maakte thee. Vanuit de woonkamer hoorde ze Angeliqeu zacht neuriën terwijl ze door een tijdschrift bladerde.
Sinds hun huwelijk waren er enkele rustige weken voorbijgegaan.
De trouwfoto hing inmiddels boven de kast.
Hun bruidsboeketten waren gedroogd en hadden een mooie plaats gekregen.
Af en toe noemden ze elkaar voor de grap nog steeds mijn echtgenote, waarna ze allebei moesten lachen.
Het leven voelde goed, rustig, vertrouwd, tot de telefoon ging.
Het telefoontje
Angeliqeu nam op, met Angeliqeu, Cilia hoorde vanuit de keuken niet wat er aan de andere kant werd gezegd.
Wel hoorde ze dat Angeliqeu plotseling stilviel, heel stil, Wat zegt u?, Cilia zette onmiddellijk de waterkoker uit.
Toen ze de woonkamer binnenliep, zag ze dat alle kleur uit Angeliqeu’s gezicht was verdwenen.
Nee… fluisterde Angeliqeu, dat kan niet, Cilia liep naar haar toe.
Angeliqeu keek haar aan, maar leek haar nauwelijks te zien, waar?, opnieuw stilte, Ja… natuurlijk, wij komen.
Toen liet Angeliqeu langzaam de telefoon zakken, Cilia pakte haar hand, Angeliqeu?, geen antwoord.
Wat is er gebeurd?, Angeliqeu’s lippen begonnen te trillen, mijn zus.
Cilia voelde onmiddellijk dat er iets verschrikkelijks was gebeurd, wat is er met haar?.
Een auto-ongeluk, Angeliqeu keek haar aan, en toen kwamen de woorden die geen mens ooit wil uitspreken.
Ze is overleden, Cilia sloeg onmiddellijk haar armen om haar heen, Angeliqeu brak.
Alle kracht verdween uit haar lichaam, ze huilde tegen Cilia’s schouder terwijl Cilia haar stevig vasthield.
Ik heb je, Meer kon ze niet zeggen, meer hoefde ze ook niet te zeggen.
En de meisjes?
Na een tijdje gebeurde er iets, Angeliqeu kwam plotseling overeind, haar ogen werden groot.
De meisjes, Cilia begreep onmiddellijk wie ze bedoelde, Sophie en Emma.
De vier maanden oude tweeling van Angeliqeu’s zus, hun moeder had hen alleen opgevoed.
Waar zijn ze?, ik weet het niet, Angeliqeu pakte haastig haar telefoon.
Ze waren niet bij haar in de auto, toch?, dat weet ik niet, de paniek in haar stem sneed door Cilia heen.
Angeliqeu belde terug, de minuten die volgden leken eindeloos, toen ze eindelijk ophing, huilde ze opnieuw.
Maar deze keer van opluchting, ze zijn veilig, Cilia sloot haar ogen, dank je.
Ze waren bij een oppas, Angeliqeu ging zitten, ze begrijpen natuurlijk helemaal niet wat er is gebeurd.
Cilia ging naast haar zitten, nee, Angeliqeu keek naar haar handen, ze zijn pas vier maanden oud.
De vraag die alles veranderde
Diezelfde avond kwam er opnieuw een telefoontje, dit keer zaten Angeliqeu en Cilia naast elkaar.
Angeliqeu zette de telefoon op luidspreker, er werd gesproken over familie, over opvang.
Over de toekomst van Sophie en Emma, en toen kwam de vraag.
Of Angeliqeu bereid zou zijn om samen met Cilia voor de meisjes te zorgen, niet alleen voor een paar dagen.
Niet totdat er iets anders geregeld was.
Maar hen een thuis te geven en, als alles officieel geregeld kon worden, hen samen op te voeden.
Angeliqeu zei niets, ze keek naar Cilia, Cilia keek terug.
In die ene blik werd een heel gesprek gevoerd, hun leven zou veranderen, volledig.
Geen rustige ochtenden meer wanneer ze daar zin in hadden, geen spontaan weekendje weg zonder voorbereiding.
Geen huis waarin alleen hun eigen spullen lagen, er zouden flesjes komen.
Luiers, wiegjes, gebroken nachten, kinderwagens, speelgoed.
Verantwoordelijkheid voor twee kleine mensen die volledig van hen afhankelijk zouden zijn.
Maar Cilia zag iets anders in Angeliqeu’s ogen, ze zag twee meisjes die hun moeder waren kwijtgeraakt.
Ze pakte Angeliqeu’s hand, ze horen bij ons, Angeliqeu begon te huilen.
Weet je dat zeker?, ja, ons hele leven verandert, dat weet ik, alles.
Cilia kneep zacht in haar hand, dan verandert alles.
Maar Sophie en Emma hoeven niet ook nog hun familie kwijt te raken.
Angeliqeu draaide zich naar de telefoon, haar stem trilde, ja we willen voor hen zorgen.
De eerste ontmoeting
De volgende ochtend reden ze naar de plek waar Sophie en Emma tijdelijk werden opgevangen.
De hele autorit was Angeliqeu stil, Cilia hield af en toe haar hand vast.
Toen ze binnenkwamen, stonden er twee kleine wiegjes naast elkaar.
In het eerste lag Sophie, grote nieuwsgierige ogen, een zachtroze pakje.
Haar kleine handjes bewogen door de lucht, naast haar lag Emma, ze sliep.
Een klein speentje bewoog zacht mee met iedere ademhaling, Angeliqeu bleef bij de deur staan.
Ze kon niet verder, Cilia keek naar haar, ga maar.
Angeliqeu liep langzaam naar Sophie, ze boog zich over het wiegje, hé, kleintje…
Haar stem brak, ik ben tante Angeliqeu, Sophie keek naar haar.
Alsof ze probeerde te begrijpen wie deze vrouw was.
Toen sloot haar kleine handje zich plotseling om Angeliqeu’s vinger.
Angeliqeu begon opnieuw te huilen, Cilia legde een hand op haar schouder.
Ze houdt je vast, Angeliqeu knikte, ja, en ik laat haar niet meer los.
Emma
Een zacht geluid kwam uit het andere wiegje, Emma werd wakker, haar gezichtje trok even samen.
En toen begon ze te huilen, Cilia keek onzeker naar Angeliqeu, wat moet ik doen?
Ondanks haar verdriet verscheen voor het eerst een kleine glimlach op Angeliqeu’s gezicht.
Oppakken, Cilia boog zich voorzichtig voorover, zo? onder haar hoofdje.
Heel voorzichtig tilde Cilia Emma op, het kleine meisje lag eerst wat onrustig in haar armen.
Volgens mij doe ik het verkeerd, je doet het prima, Cilia wiegde haar zacht, Ssst…
Het is goed, kleine Emma, langzaam stopte het huilen, Emma keek omhoog.
Recht naar Cilia, Cilia’s gezicht veranderde, Angeliqeu zag het meteen, de onzekerheid verdween.
Er kwam iets anders voor terug, tederheid, verwondering.
En misschien al een eerste spoor van moederliefde, kijk eens naar haar, fluisterde Cilia.
Ze is zo klein, Angeliqeu kwam naast haar staan met Sophie inmiddels in haar armen.
Daar stonden ze, twee vrouwen, twee baby’s.
Vier levens die enkele dagen geleden nog totaal verschillende richtingen leken te hebben.
Over hun moeder vertellen
Later zaten ze samen op de bank, Sophie sliep tegen Angeliqeu aan, Emma lag in Cilia’s armen.
Angeliqeu keek naar haar nichtjes, ze moeten haar kennen, Cilia wist precies wie ze bedoelde.
Dat zullen ze, ik wil foto’s bewaren, verhalen, alles, later moeten ze weten wie hun moeder was.
Cilia knikte, wij zullen nooit proberen haar plaats in te nemen.
Angeliqeu keek haar aan, nee, maar we kunnen ze wel alles geven wat wij hebben.
Cilia glimlachte, een thuis, veiligheid, liefde, Angeliqeu keek naar Sophie.
En twee mama’s die ervoor zorgen dat hun eigen moeder nooit vergeten wordt.
Naar huis
Aan het einde van de middag mochten Sophie en Emma met hen mee, voorlopig.
De officiële procedures zouden later volgen.
Maar dat woord voorlopig voelde voor Angeliqeu en Cilia al vreemd.
Cilia klikte Emma voorzichtig vast in het autostoeltje, Angeliqeu deed hetzelfde met Sophie.
Ze controleerde de gordeltjes, daarna nog een keer, Cilia keek haar aan.
Volgens mij zitten ze vast, ik controleer liever drie keer, je klinkt nu al als een moeder.
Angeliqeu keek haar aan, het woord bleef tussen hen hangen, moeder.
Mogen wij ons zo voelen?, Cilia keek naar de twee meisjes.
Misschien hoeven we dat vandaag nog niet te weten, we hoeven alleen voor ze te zorgen, de rest komt vanzelf.
Twee wiegjes
Thuis ontstond onmiddellijk chaos, ze hadden helemaal niets voorbereid.
Geen babykamer, geen luiertafel, geen flesjeswarmer.
Gelukkig hadden ze de belangrijkste spullen meegekregen.
Die avond stonden er twee tijdelijke wiegjes in hun slaapkamer.
Angeliqeu keek ernaar, vanmorgen stond hier nog niets, Cilia sloeg haar arm om haar heen.
En vanavond slapen hier twee baby’s, ons leven is in één dag veranderd.
Ja, ben je bang?, Cilia dacht even na, doodsbang, Angeliqeu keek verbaasd.
Ik ook, mooi, Angeliqeu moest lachen, wat is daar mooi aan?.
Dat we het blijkbaar allebei niet weten, dan moeten we het samen leren.
Het eerste flesje
Om negen uur begon Sophie te huilen, een paar seconden later besloot Emma mee te doen.
Angeliqeu keek naar Cilia, Cilia keek naar Angeliqeu.
Wat nu?, flesjes, waar staan die?, in de tas, welke tas?.
Ze keken naar de drie tassen die naast het bed stonden.
En voor het eerst die dag begonnen ze allebei hard te lachen, niet omdat het grappig was.
Maar omdat alles zoveel was geworden dat lachen de enige mogelijkheid leek.
Uiteindelijk zaten ze naast elkaar op bed, Angeliqeu gaf Sophie haar flesje.
Cilia hield Emma in haar armen, het werd stil, twee kleine mondjes dronken tevreden.
Cilia keek naar Angeliqeu, dit is ongelooflijk, wat?.
Gisteren waren we met z’n tweeën, Angeliqeu keek naar Sophie, en nu zijn we met z’n vieren.
