Een onverwachte connectie

Vlinders in de buik
De dagen na hun gesprek in het park voelden anders, niet vreemd, niet ongemakkelijk, maar zachter, warmer.
Alsof er tussen Angeligeu en Cilia iets was uitgesproken wat al lang in stilte aanwezig was geweest.
Aan de ontbijttafel keek Angeligeu net iets vaker op van haar kop koffie, Cilia merkte het.
Je kijkt naar me, Angeligeu glimlachte verlegen, dat deed ik altijd al, ja zei Cilia zacht, maar nu kijk je anders Angeligeu bloosde.
Misschien omdat ik nu niet meer hoef te doen alsof het alleen vriendschap is, Cilia legde haar hand over die van Angeligeu.
Dat hoeft ook niet meer, even bleven ze zo zitten, twee handen op tafel, twee harten die sneller klopten.
En een stilte die niet leeg was, maar vol betekenis.
 
Die middag besloten ze samen naar de stad te gaan, niet voor iets bijzonders gewoon wandelen.
Een etalage bekijken, een kop koffie drinken, maar alles voelde nieuw.
Wanneer Cilia een jurk aanwees, stond Angeligeu dichter naast haar dan anders.
Wanneer Angeligeu lachte, keek Cilia langer naar haar mond.
Wanneer hun schouders elkaar raakten, trokken ze niet meer meteen terug.
In een kleine parfumerie probeerde Cilia een zachte bloemengeur.
Ze sprayde een beetje op haar pols en hield die naar Angeligeu toe, wat vind je?
Angeligeu nam haar pols voorzichtig vast, heel even raakten haar vingers de huid van Cilia.
Ze boog iets dichterbij, mooi, fluisterde ze, Cilia keek haar aan, alleen het parfum?.
Angeligeu glimlachte, nee jij, Cilia voelde haar wangen warm worden, dan neem ik hem.
 
Later zaten ze op een terras, de zon scheen zacht over de tafel, Cilia roerde langzaam in haar cappuccino.
Vind je het spannend, wat? Dit ons, Angeligeu dacht even na, ja maar niet op een nare manier.
Meer alsof ik aan het begin sta van iets heel moois, Cilia knikte.
Ik ben ook zenuwachtig, waarom?, omdat jij belangrijk voor mij bent, Angeligeu pakte haar hand.
Dan doen we het rustig, stap voor stap, Cilia glimlachte, dat klinkt als wij.
 
Thuisgekomen bleef de zachte spanning tussen hen hangen, ze hingen hun jassen op, Zetten hun tassen neer.
En zonder iets te zeggen liepen ze samen naar de woonkamer, Angeligeu bleef bij het raam staan.
Cilia kwam naast haar, buiten kleurde de lucht langzaam roze.
Ik heb vandaag zo vaak gedacht dat ik je wilde vasthouden, zei Cilia zacht.
Angeligeu draaide zich naar haar toe, waarom deed je het niet?, omdat ik niet wist of je dat wilde.
Angeligeu zette een kleine stap dichterbij, dat wil ik wel.
Cilia sloeg voorzichtig haar armen om haar heen, eerst teder, bijna vragend, daarna steviger.
Angeligeu liet haar hoofd tegen Cilia’s schouder rusten, ze voelde zich veilig, gewenst.
Geliefd, niet door grote woorden, maar door de manier waarop Cilia haar vasthield alsof ze iets kostbaars was.
Dit voelt goed, fluisterde Angeligeu, Cilia streek zacht over haar rug, ja, alsof we thuiskomen bij elkaar.
 
Die avond zaten ze dicht tegen elkaar op de bank, een plaid over hun benen.
Een film op de achtergrond waar geen van beiden echt naar keek.
Hun handen vonden elkaar steeds opnieuw, soms glimlachten ze zonder reden.
Soms keken ze elkaar aan en dan weer snel weg, alsof ze opnieuw verliefde meisjes waren.
Toen de avond laat werd, bracht Cilia haar vingers voorzichtig naar Angeligeu’s wang.
Mag ik je kussen? Angeligeu keek haar ontroerd aan, ja, de kus was zacht.
Voorzichtig, niet haastig, een kus vol vertrouwen, een kus die niet alles vroeg, maar alles beloofde.
Toen ze elkaar loslieten, bleven hun voorhoofden tegen elkaar, Angeligeu glimlachte.
Mijn hart klopt zo hard, Cilia lachte zacht, dat van mij ook,dan zijn we samen zenuwachtig, en samen gelukkig.
 
Die nacht lagen ze ieder in hun eigen kamer, maar slapen lukte nauwelijks.
Angeligeu keek naar het plafond en raakte glimlachend haar lippen aan.
Cilia draaide zich op haar zij en dacht aan de warmte van Angeligeu’s hand, er was iets begonnen.
Iets teers, Iets moois, Iets dat ze niet wilden overhaasten.
Maar ook niet meer wilden ontkennen, want de vlinders waren er, in hun buik, in hun glimlach.
In het verlangen om elkaar weer te zien, zelfs wanneer ze net afscheid hadden genomen.
En diep vanbinnen wisten Angeligeu en Cilia allebei:
hun vriendschap was niet verdwenen.
Ze was alleen veranderd in liefde. πŸŒΈπŸ’•