Vriendschap in Bloei


De lente had voorzichtig haar intrede gedaan.
De eerste bloesems kleurden de bomen langs de lanen en de zon liet zich steeds vaker zien.
Vanuit de keuken keek Angeliqeu naar de tuin, waar de magnolia langzaam in bloei kwam.
Ze glimlachte, wat is ze mooi, Cilia kwam naast haar staan en volgde haar blik.
Net als vorig jaar, Angeliqeu schudde haar hoofd, nee vorig jaar zag ik alleen de bloemen.
Nu zie ik vooral met wie ik ervan mag genieten, Cilia keek haar aan en voelde haar hart sneller kloppen.
Jij weet me iedere keer weer te raken.

Na het ontbijt besloten ze een wandeling te maken door de botanische tuin.
Het was nog rustig.
Hier en daar liepen mensen met een camera of een boek onder hun arm.
Overal bloeiden tulpen, narcissen en sierkersen.
Angeliqeu droeg een lichtblauwe jurk met een beige mantel en een elegante hoed.
Cilia had gekozen voor een zachtroze jurk met een dun vestje en haar favoriete pareloorbellen.
Volgens mij hebben we onbewust weer bij elkaar passende kleuren gekozen, lachte Angeliqeu.
Misschien kennen we elkaar inmiddels gewoon heel goed.
 
Ze wandelden langzaam over de kronkelende paden, bij iedere bocht ontdekten ze weer een nieuw stukje van de tuin.
Een kleine vijver, een bruggetje, een bankje onder een bloeiende boom.
Cilia bleef staan, zullen we even zitten?, ze namen plaats op het houten bankje.
De bloesemblaadjes dwarrelden langzaam om hen heen, Angeliqeu sloot haar ogen.
Ik zou dit moment het liefst willen vasthouden, waarom?, omdat ik zo gelukkig ben.
 
Na een tijdje keek Cilia haar aan, weet je nog hoe spannend we het vonden om elkaar voor het eerst een hand te geven.
Angeliqeu begon te lachen, en nu voelt dat zo vanzelfsprekend, ja net als naast jou zitten.
Net als samen wakker worden, net als samen plannen maken, Angeliqeu pakte voorzichtig Cilia’s hand.
Ik heb nooit gedacht dat liefde zo rustig kon voelen, ik dacht altijd dat het groots moest zijn.
Met vuurwerk, met enorme gebaren, Cilia glimlachte.
Maar misschien is liefde juist iemand hebben bij wie je helemaal jezelf kunt zijn.
 
Ze liepen verder, bij een rozentuin bleef Angeliqeu plotseling staan, een oude fotograaf stond bezoekers op de foto te zetten.
Toen hij Angeliqeu en Cilia zag, glimlachte hij vriendelijk, mag ik een foto van jullie maken.
Ze keken elkaar even aan, waarom niet, ze gingen naast elkaar staan, heel even aarzelde Angeliqeu.
Toen sloeg Cilia vanzelf haar arm om haar middel, Angeliqeu legde haar hoofd zacht tegen Cilia’s schouder.
Klik, nog een foto, klik, nog eentje, zei de fotograaf, nu eens naar elkaar kijken.
Ze deden wat hij vroeg, hun blikken ontmoetten elkaar, geen pose, geen gemaakte glimlach.
Alleen twee vrouwen die elkaar met oprechte liefde aankeken.
Toen de fotograaf de foto’s liet zien, werden ze even stil.
Dat zijn wij, fluisterde Angeliqeu, zoals we echt zijn, Cilia kneep zacht in haar hand, gelukkig.
 
Aan het einde van de middag begonnen donkere wolken zich samen te pakken.
Nog voordat ze de uitgang bereikten, vielen de eerste regendruppels, rennen! riep Angeliqeu lachend.
Ze holden naar een oude houten muziekkiosk, buiten kletterde de regen op het dak.
Binnen stonden ze dicht bij elkaar, Angeliqeu streek een natte haarlok uit het gezicht van Cilia.
Je bent helemaal nat, jij ook, Ze moesten allebei lachen, de regen leek de wereld om hen heen stil te zetten.
Er was alleen nog het geluid van de druppels, en hun eigen ademhaling.
Cilia keek Angeliqeu aan, mag ik je iets vertellen?, natuurlijk.
Ik ben niet alleen verliefd op je, Angeliqeu voelde haar hart sneller slaan.
Nee?, ik bewonder je, ik vertrouw je, ik voel me veilig bij je.
En iedere dag ontdek ik weer iets waardoor ik nóg meer van je ga houden.
Een traan gleed over Angeliqeu’s wang, dat is precies wat ik voor jou voel.
Zonder woorden stapte Cilia naar voren, ze sloot Angeliqeu in haar armen.
Niet voorzichtig, niet aarzelend, maar warm, vol vertrouwen, vol liefde, Angeliqeu sloot haar ogen.
Ze voelde de rustige ademhaling van Cilia, de warmte van haar omhelzing, het zachte kloppen van haar hart.
Ze wist ineens precies welk gevoel ze al die tijd had gezocht, thuiskomen.
Niet in een huis, niet in een stad, maar in de armen van degene van wie je houdt.
 
Toen de regen eindelijk ophield, kwamen ze langzaam weer naar buiten, de zon brak opnieuw door.
Aan de horizon verscheen een regenboog, Angeliqeu keek omhoog, wat mooi, Cilia glimlachte.
Maar weet je wat ik nog mooier vind?, wat dan?, dat ik deze momenten niet meer alleen beleef.
Ze liepen hand in hand verder, hun vingers stevig in elkaar verstrengeld, hun stappen rustig, hun harten licht.
En terwijl de laatste regendruppels glinsterden op de bloemen, beseften Angeliqeu en Cilia dat liefde niet altijd begint met een grote gebeurtenis.
Soms groeit ze heel langzaam, in een blik, een wandeling, een omhelzing.
En op een dag ontdek je dat die ene persoon niet alleen je geliefde is geworden…
…maar ook de plek waar je hart zich het meest thuis voelt.